Hoe kunnen we een menselijk antwoord bieden op een wereld die op zijn laatste benen loopt? Hoe kunnen we ons daaraan aanpassen? Hoe kunnen we er met onze middelen op inspelen? Die vragen moeten we ons stellen.

Tot nu toe heb ik er niet zo veel over gepost op FB. Uit verlegenheid en ook om mezelf niet in de kijker te plaatsen. Maar had ik zelf niet gezien dat anderen voor opvang zorgden, dan zou ik het nooit gedaan hebben. Daarom toch een paar lijntjes die jullie misschien ook over de streep trekken.

Sinds een maand of twee vangen we thuis jongeren op die vluchten voor foltering en dictatuur. Ik moet toegeven dat de eerste dag een beetje ‘raar’ is. Het is dan ook geen gebruikelijke situatie. Maar al snel doen de glimlach, de vriendelijkheid en de discretie van onze gasten dat ongemakkelijke gevoel verdwijnen.
De meesten zijn jong, rond de twintig, soms een pak jonger. Mijn oudste is vijftien en ik denk soms dat hij een van die jongeren had kunnen zijn, als we ergens anders waren geboren.
Sommigen zijn al jaren onderweg. We vragen niet naar hun traject, maar soms vertellen ze erover. Ik voel dan geen medelijden, maar eerder een diep respect voor hun moed (want dat is wel nodig als je als tiener de wereld doorkruist en te maken krijgt met allerlei vormen van geweld).
Momenteel is B. al een maand bij ons. Hij is een negentienjarige Eritreër die al drie jaar op pad is. Hij wacht op een antwoord van de vreemdelingendienst om in België te kunnen blijven. Dat duurt erg lang. Hij is aardig, grappig en discreet. De kinderen zijn dol op hem. Elke dag worden de banden nauwer.

Een paar voorbeelden van vragen die we regelmatig te horen krijgen, en wat we erop antwoorden.
– Ben je niet bang om onbekenden bij je thuis te laten logeren?
Neen, opvang is gebaseerd op vertrouwen. Waarom zouden zij hun verblijf saboteren? Tot nu toe is alles supergoed verlopen.
– Heb je een kamer ingericht?
Ja en neen. Op zolder staan twee kampeerbedden en de kinderen hebben de muren wat opgefleurd … Geen stress over hun comfort, je doet wat je kunt.
– Hoe communiceer je met hen?
Velen spreken een woordje Engels. Ikzelf ben niet zo goed in Engels, maar we slagen erin elkaar te begrijpen. Soms is dat best grappig.
– Wat doen ze de hele dag?
Net als andere tieners houden ze zich bezig met de tv, hun telefoon. Ze spelen met de kinderen. Ze doden de tijd. Je moet geen activiteiten bedenken voor hen. Daarover hoef je ook niet te stressen. Ze hebben meestal vooral behoefte aan rust.
– Kost dat iets?
Ja en neen. De groep gastgezinnen krijgt onverkochte producten. Er zijn ook collectebussen voor wie dit initiatief wil steunen. Het is goed georganiseerd, geld is geen drempel. Wij doen wat we financieel aankunnen, maar geld is niet noodzakelijk om onderdak te kunnen bieden.
– Ik heb zin om ook de stap te wagen, maar ik ben er niet helemaal gerust in, ik weet niet goed waarom.
Als het je enigszins kan geruststellen, kun je zoals wij de eerste keer gasten nemen die al ergens anders hebben overnacht en waar alles goed is verlopen.
– Hoe kan ik ermee beginnen?
Neem contact op met gastgezinnen die je kent, zodat ze je wegwijs kunnen maken. Je kan best lid worden van de Facebookgroep Burgerplatform voor Overnachtingen en daar kan je je vraag stellen. Of misschien bestaat er wel een lokale subgroep zodat je samen met andere gezinnen transport kan organiseren.

We zullen de wereld niet veranderen. Maar we kunnen deze veranderende wereld die alsmaar sneller gaat en steeds meer polariseert, wel wat menselijker maken. Migratie, klimaat en sociale gelijkheid hangen nauw samen. We moeten er samen voor strijden. Hoe kunnen we een menselijk antwoord bieden op een wereld die op zijn laatste benen loopt? Hoe kunnen we ons daaraan aanpassen? Hoe kunnen we er met onze middelen op inspelen? Die vragen moeten we ons stellen.
De ene strijd is niet waardevoller dan de andere. De wereld staat op instorten. Het is vijf voor twaalf. Laten we er iets aan doen.

(P.S.: Om over na te denken: er zijn meer gastvrouwen dan -heren. Ook bij ons is het vooral de gastvrouw. We hebben het er lang over gehad, maar het is altijd Marie die de overnachtingen bij ons thuis coördineert. Hoe dat komt, weet ik niet, het is gewoon een vaststelling. Komaan mannen, laten we ook de handen uit de mouwen steken.)