Laten we vooral niet vergeten dat we er zijn om hun onderdak te geven, hen te beschermen, hun waardigheid terug te geven, hen graag te zien, maar ook en vooral om hen zelf te laten kiezen, groeien en vertrekken. Vooral als we hen graag zien.

Dit is het verhaal van I.
Hij is 19. Of neen, al 20.
De tijd tikt onverbiddelijk door.

Hij heeft een dochtertje in zijn land. Ze werd geboren toen hij al onderweg was. Van al mijn gasten glimlachte hij het meest. We leerden hem een jaar geleden kennen en hij bleef twee maanden bij ons.

Daarna was het de beurt aan Z., een van onze gebruikelijke gasten, die sinds zijn terugkeer uit het gesloten centrum veel meer is dan dat.

I. liet de moed echter niet zakken en vond twee nieuwe, fantastische gastgezinnen, die met veel liefde voor hem zorgen. Maar sinds enkele dagen wil hij ondanks de risico’s liever buiten of in het station slapen, want hij heeft een probleem. Wanneer hij bij gezin 1 is, huilt gezin 2 en begrijpen ze niet waarom hij niet komt. En omgekeerd.

I. wil vooral niemand kwetsen, want hij ziet jullie echt graag.
En dus komt I. soms bij mij, voor een douche of om een paar uur te slapen en zijn was te doen. Zijn glimlach is bijna verdwenen.

Ondanks al onze goede intenties en onze liefde is I. verloren zonder jullie, zijn gastgezinnen, maar hij weet niet hoe het te verwoorden.

Als je je in deze tekst herkent, weet dan dat ik jullie niets verwijt. Ik weet hoe lastig het moet zijn voor jullie dat hij niet terugkomt of geen berichten stuurt, want jullie zien hem vast even graag als hij jullie.

Laten we vooral niet vergeten dat we er zijn om hun onderdak te geven, hen te beschermen, hun waardigheid terug te geven, hen graag te zien, maar ook en vooral om hen zelf te laten kiezen, groeien en vertrekken. Vooral als we hen graag zien.